Extra maatregelen in de strijd tegen covid-19

11 Apr 2020

Extra socio-economische en gezondheidsmaatregelen in de strijd tegen covid-19

 

  • Het instellen van een tijdelijk moratorium op faillissementen van bedrijven. Tijdens deze moeilijke periode zal elke onderneming als schuldenaar, die in moeilijkheden verkeert als gevolg van covid-19, worden beschermd tegen bewarend en uitvoerend beslag, faillietverklaring en gerechtelijke ontbinding. Bovendien zullen de betalingstermijnen die opgenomen zijn in een reorganisatieplan, verlengd worden. En overeenkomsten gesloten vóór de inwerkingtreding van het koninklijk besluit kunnen niet eenzijdig of gerechtelijk ontbonden worden.

  •  

  • De vrijstelling van belasting voor vrijwillige overuren (220 uur) in de zogenaamde kritische sectoren (zie bijlage MB 23.03.2020) tot 30 juni 2020.

  • De mogelijkheid voor tijdelijk werklozen om op een flexibele manier en zonder inkomensverlies tijdelijk in de tuinbouw- en bosbouwsector te werken. Zo krijgt de werknemer voor een volledige werkdag bijvoorbeeld het normale loon voor de uitgeoefende functie en 75% van de tijdelijke werkloosheidsuitkering.

 

 

  • Een versoepeling inzake flexibele werktijden, detachering en tijdelijk werk om het tijdelijk ter beschikking stellen van vaste werknemers van andere bedrijven aan werkgevers in "kritische" sectoren te vergemakkelijken. Mechanismen om werknemers te beschermen tegen sociale dumping, zoals het beginsel van gelijke verloning voor gelijk werk, blijven uiteraard van toepassing.

 

  • De neutralisatie van de werkuren van studenten in de tweede helft van 2020, zodat ze niet meetellen voor de berekening van het quotum (475 uur per jaar). Studenten kunnen dus de beroepsbevolking versterken in kritieke sectoren zoals de detailhandel of de voedingssector.

 

  • De mogelijkheid van korte opeenvolgende contracten van bepaalde duur in kritische sectoren voor een periode van drie maanden. 

 

  • Toegang van asielzoekers tot de arbeidsmarkt op voorwaarde dat zij hun aanvraag hebben ingediend bij het CGVS. Zij zullen de mogelijkheid hebben om te werken voor de duur van de procedure, met inbegrip van de duur van een eventueel beroep tegen de beslissing die is ingediend bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen. Het doel is het gebrek aan arbeidskrachten, met name seizoensarbeiders, te compenseren.

 

  • Het bevriezen van de degressiviteit van de werkloosheidsuitkeringen tijdens de crisisperiode.

 

  • De bevestiging van een overbruggingsrecht voor zelfstandigen in bijberoep "klassiek" wanneer het gaat om zelfstandigen die maximaal bijdragen; "aangepast" voor bepaalde zelfstandigen in bijberoep (met een inkomen tussen 6996,89 en 13993,78) en actieve gepensioneerden (inkomen >6996,89) die verplicht zijn hun activiteiten te onderbreken door Covid-19.

 

  • Op gebied van gezondheid werd het wetgevend kader besproken om het - als laatste redmiddel - mogelijk te maken dat gezondheidspersoneel dat nog niet was ingezet voor de crisis, wordt opgevorderd. Dat om het bestaande contingent gezondheidswerkers die kunnen helpen bij het beheer van de crisis, met name in woonzorgcentra, in stand te houden of zelfs te vergroten. Of er personeel wordt opgevorderd, is afhankelijk van de urgentie van de situatie.  Vrijwillige aanwerving of bijstand door personeel dat momenteel economisch werkloos is, heeft de voorkeur.

 

  • Er werd ook besproken om de bevoegdheden van de wetgever tijdelijk te delegeren aan de minister van Volksgezondheid (regels en termijnen) en aan de administrateur-generaal van het RIZIV (technische aspecten) om de toegankelijkheid van de gezondheidszorg te garanderen. Zo kunnen bijvoorbeeld alternatieven voor fysieke consultaties worden ontwikkeld (zoals nu al het geval is), kunnen marginale aanpassingen voor de terugbetaling worden toegepast of kunnen zorgverleners die niet meer aan de voorwaarden voldoen, worden beschermd (bijv. consultaties per videoconferentie als de voorwaarde een fysieke consultatie was). Deze beslissingen worden genomen in gericht overleg met de verzekeringsmaatschappijen en dienstverleners binnen het RIZIV. Maatregelen met gevolgen voor de begroting moeten aan een administratieve en budgettaire controle worden onderworpen.

  •  

  • De mogelijkheid voor tijdelijk werklozen om op een flexibele manier en zonder inkomensverlies tijdelijk in de tuinbouw- en bosbouwsector te werken. Zo krijgt de werknemer voor een volledige werkdag bijvoorbeeld het normale loon voor de uitgeoefende functie en 75% van de tijdelijke werkloosheidsuitkering.

 

  • Een versoepeling inzake flexibele werktijden, detachering en tijdelijk werk om het tijdelijk ter beschikking stellen van vaste werknemers van andere bedrijven aan werkgevers in "kritische" sectoren te vergemakkelijken. Mechanismen om werknemers te beschermen tegen sociale dumping, zoals het beginsel van gelijke verloning voor gelijk werk, blijven uiteraard van toepassing.

 

  • De neutralisatie van de werkuren van studenten in de tweede helft van 2020, zodat ze niet meetellen voor de berekening van het quotum (475 uur per jaar). Studenten kunnen dus de beroepsbevolking versterken in kritieke sectoren zoals de detailhandel of de voedingssector.

 

  • De mogelijkheid van korte opeenvolgende contracten van bepaalde duur in kritische sectoren voor een periode van drie maanden. 

 

  • Toegang van asielzoekers tot de arbeidsmarkt op voorwaarde dat zij hun aanvraag hebben ingediend bij het CGVS. Zij zullen de mogelijkheid hebben om te werken voor de duur van de procedure, met inbegrip van de duur van een eventueel beroep tegen de beslissing die is ingediend bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen. Het doel is het gebrek aan arbeidskrachten, met name seizoensarbeiders, te compenseren.

 

  • Het bevriezen van de degressiviteit van de werkloosheidsuitkeringen tijdens de crisisperiode.

 

  • De bevestiging van een overbruggingsrecht voor zelfstandigen in bijberoep "klassiek" wanneer het gaat om zelfstandigen die maximaal bijdragen; "aangepast" voor bepaalde zelfstandigen in bijberoep (met een inkomen tussen 6996,89 en 13993,78) en actieve gepensioneerden (inkomen >6996,89) die verplicht zijn hun activiteiten te onderbreken door Covid-19.

 

  • Op gebied van gezondheid werd het wetgevend kader besproken om het - als laatste redmiddel - mogelijk te maken dat gezondheidspersoneel dat nog niet was ingezet voor de crisis, wordt opgevorderd. Dat om het bestaande contingent gezondheidswerkers die kunnen helpen bij het beheer van de crisis, met name in woonzorgcentra, in stand te houden of zelfs te vergroten. Of er personeel wordt opgevorderd, is afhankelijk van de urgentie van de situatie.  Vrijwillige aanwerving of bijstand door personeel dat momenteel economisch werkloos is, heeft de voorkeur.

 

  • Er werd ook besproken om de bevoegdheden van de wetgever tijdelijk te delegeren aan de minister van Volksgezondheid (regels en termijnen) en aan de administrateur-generaal van het RIZIV (technische aspecten) om de toegankelijkheid van de gezondheidszorg te garanderen. Zo kunnen bijvoorbeeld alternatieven voor fysieke consultaties worden ontwikkeld (zoals nu al het geval is), kunnen marginale aanpassingen voor de terugbetaling worden toegepast of kunnen zorgverleners die niet meer aan de voorwaarden voldoen, worden beschermd (bijv. consultaties per videoconferentie als de voorwaarde een fysieke consultatie was). Deze beslissingen worden genomen in gericht overleg met de verzekeringsmaatschappijen en dienstverleners binnen het RIZIV. Maatregelen met gevolgen voor de begroting moeten aan een administratieve en budgettaire controle worden onderworpen.

 

Share on Facebook
Share on Twitter
Please reload

© 2017 Veli Yüksel. Alle rechten voorbehouden. Design: Nielsen De Wilde.